01 juli 2026
Ontwerpgericht onderzoek in zorg en welzijn
Van complex praktijkprobleem naar passende oplossing
Loop je stage in de zorg of het sociaal domein? Dan merk je misschien al snel dat praktijkproblemen zelden simpel zijn.
Een cliënt ervaart iets anders dan een professional. Een manager kijkt vanuit beleid en haalbaarheid. Mantelzorgers of familieleden hebben weer hun eigen zorgen. Iedereen ziet dat er iets moet veranderen, maar dé oplossing ligt niet zomaar klaar.
Juist bij dit soort vraagstukken past ontwerpgericht onderzoek goed. Je onderzoekt niet alleen wat er aan de hand is, maar werkt stap voor stap toe naar een oplossing die past bij de praktijk. Denk aan een nieuwe werkwijze, interventie, gesprekskaart, training, app, zorgpad of ander beroepsproduct.
In deze blog lees je wat ontwerpgericht onderzoek is, waarom het goed past bij zorg en welzijn en hoe je het Double Diamond-model kunt gebruiken om van een complex praktijkprobleem naar een goed onderbouwd ontwerp te komen.
Wat is ontwerpgericht onderzoek?
Bij ontwerpgericht onderzoek wil je niet alleen begrijpen waarom een probleem bestaat. Je wilt vooral onderzoeken hoe de situatie verbeterd kan worden. Dat maakt deze vorm van onderzoek geschikt voor hbo-scripties, praktijkonderzoek en afstudeeropdrachten in zorg en welzijn.
Stel dat je onderzoek doet naar eenzaamheid onder ouderen in een wijk. Je kunt dan onderzoeken hoeveel ouderen zich eenzaam voelen en welke factoren daarmee samenhangen. Maar bij ontwerpgericht onderzoek ga je verder. Je gebruikt je inzichten om een oplossing te ontwerpen die in de praktijk bruikbaar is.
Dat kan bijvoorbeeld een nieuwe manier van signaleren zijn, een gesprekskaart voor wijkverpleegkundigen of een werkwijze waarmee mantelzorgers eerder betrokken worden.
Het belangrijkste verschil met traditioneel onderzoek is dus dat je niet alleen eindigt met conclusies en aanbevelingen. Je werkt toe naar iets concreets: een ontwerp, prototype, interventie of beroepsproduct dat je test en verbetert.
Waarom zorgvraagstukken vaak complex zijn
In zorg en welzijn heb je vaak te maken met complexe praktijkproblemen. Ook wel wicked problems genoemd. Dat zijn vraagstukken zonder één duidelijke oorzaak of eenvoudige oplossing.
Denk aan eenzaamheid, mantelzorgbelasting, kansenongelijkheid, personeelstekorten, wachtlijsten of het vergroten van eigen regie bij cliënten.
Zo’n probleem kun je niet oplossen alsof het een rekensom is. Er spelen meerdere oorzaken, belangen en perspectieven mee. Een cliënt wil misschien meer zelfstandigheid, terwijl een zorgprofessional zich zorgen maakt over veiligheid. Een organisatie wil vernieuwen, maar loopt tegen tijd, geld of regelgeving aan. En familieleden kijken weer vanuit hun eigen ervaring naar dezelfde situatie.
Daarom vraagt ontwerpgericht onderzoek om rust en zorgvuldigheid. Je springt niet meteen naar een oplossing, maar onderzoekt eerst wat er precies speelt. Pas daarna ontwerp je iets dat aansluit bij de praktijk.
Tame problems en wicked problems
Niet elk probleem is even complex. Sommige problemen zijn overzichtelijk. Die worden ook wel tame problems genoemd. Bij zo’n probleem is het doel duidelijk en kun je redelijk goed bepalen wanneer het is opgelost.
Denk aan een formulier dat verkeerd op de website staat. Je weet wat er mis is, past het formulier aan en daarna is het probleem opgelost.
Bij een wicked problem werkt dat anders. Neem het verbeteren van samenwerking tussen zorgprofessionals en mantelzorgers. Dan spelen vaak meerdere dingen tegelijk: communicatie, tijdsdruk, rolonduidelijkheid, privacy, verwachtingen en vertrouwen.
Zelfs als je een oplossing bedenkt, moet je nog testen of die oplossing in de praktijk werkt. Ontwerpgericht onderzoek helpt je om met die complexiteit om te gaan. Je maakt het probleem kleiner, onderzoekt verschillende perspectieven en werkt stap voor stap naar een haalbare oplossing.
Van praktijkprobleem naar ontwerpvraag
Een wicked problem is meestal te groot voor één scriptie. Daarom moet je het probleem eerst afbakenen.
Je begint met een goede probleemanalyse. Wat speelt er precies? Voor wie is dit een probleem? Waarom is het belangrijk om hier iets aan te doen? En wat gebeurt er als er niets verandert?
Daarna formuleer je een probleemstelling. Die maakt duidelijk welk specifieke probleem jij onderzoekt. Vervolgens vertaal je dit naar een ontwerpvraag. Die ontwerpvraag geeft richting aan het ontwerp dat je gaat maken.
Een ontwerpvraag begint vaak met:
Hoe kan…
Op welke manier kan…
Bijvoorbeeld: Hoe kan een wijkteam mantelzorgers eerder signaleren die overbelast dreigen te raken?
Of: Op welke manier kan een verpleeghuis bewoners meer eigen regie geven tijdens het dagelijkse zorgmoment?
Let erop dat je ontwerpvraag niet te breed wordt. “Hoe kunnen we eenzaamheid onder ouderen oplossen?” is te groot voor één scriptie.
Beter is: Hoe kan welzijnsorganisatie X ouderen in wijk Y beter bereiken voor laagdrempelige ontmoetingsactiviteiten?
Die vraag is concreter, beter afgebakend en daardoor beter uitvoerbaar.
Ontwerpgericht onderzoek met het Double Diamond-model
Een handige manier om ontwerpgericht onderzoek te structureren is het Double Diamond-model. Dit model helpt je om niet meteen naar een oplossing te springen, maar eerst breed te onderzoeken wat er speelt.
Het model bestaat uit vier fases:
- Discover
- Define
- Develop
- Deliver
Je begint breed: je verkent het probleem vanuit meerdere kanten. Daarna breng je focus aan. Vervolgens denk je opnieuw breed na over mogelijke oplossingen. Tot slot werk je één oplossing verder uit en test je die in de praktijk.
Discover: verken het vraagstuk
In de Discover-fase onderzoek je wat er aan de hand is. Je probeert het probleem nog niet meteen op te lossen. Eerst wil je begrijpen hoe verschillende betrokkenen het probleem ervaren.
In zorg en welzijn betekent dit vaak dat je meerdere perspectieven verzamelt. Je spreekt bijvoorbeeld met cliënten, patiënten, bewoners, zorgprofessionals, mantelzorgers, beleidsmedewerkers of managers. Ook kun je deskresearch doen, literatuur bestuderen of documenten van de organisatie analyseren.
Stel dat je onderzoek doet naar lage deelname aan dagactiviteiten in een verpleeghuis. Dan wil je niet alleen weten hoeveel bewoners meedoen, maar vooral waarom sommige bewoners afhaken.
Voelen zij zich niet aangesproken? Sluiten de activiteiten niet aan bij hun interesses? Is de communicatie onduidelijk? Speelt vermoeidheid, mobiliteit of schaamte een rol?
Door breed te verkennen, voorkom je dat je straks een oplossing ontwerpt voor het verkeerde probleem.
Define: bepaal de kern van het probleem
Na de verkenning breng je focus aan. Je hebt waarschijnlijk veel informatie verzameld, maar niet alles past binnen je scriptie. In de Define-fase bepaal je wat de kern van het probleem is en welk deel jij gaat aanpakken.
Misschien dacht de organisatie eerst dat bewoners weinig meedoen omdat ze niet gemotiveerd zijn. Maar uit je interviews blijkt dat het aanbod vooral niet goed aansluit bij hun behoefte aan rust, herkenbaarheid en persoonlijke uitnodiging.
Dan verandert je probleemdefinitie.
Niet: Hoe kunnen we bewoners motiveren om mee te doen aan activiteiten?
Maar bijvoorbeeld: Hoe kan het activiteitenaanbod in verpleeghuis X beter aansluiten bij de behoefte aan persoonlijke benadering van bewoners met beginnende dementie?
Die vraag is specifieker, onderzoekbaarder en beter bruikbaar voor ontwerpgericht onderzoek.
Develop: ontwikkel mogelijke oplossingen
In de Develop-fase ga je ideeën ontwikkelen. Dit doe je bij voorkeur niet alleen achter je laptop. Omdat ontwerpgericht onderzoek praktijkgericht is, betrek je de doelgroep en andere stakeholders actief bij het bedenken van oplossingen.
Je kunt bijvoorbeeld een brainstormsessie organiseren, een focusgroep houden of samen met professionals en cliënten een eerste concept uitwerken.
In deze fase mag je meerdere ideeën verkennen. Denk aan een nieuwe werkwijze, checklist, gesprekskaart, training, informatiepakket of prototype van een digitaal hulpmiddel.
Belangrijk is dat je steeds teruggaat naar je probleemdefinitie. Een creatief idee is pas waardevol als het ook echt aansluit bij het probleem dat je hebt onderzocht.
Deliver: test en verbeter je ontwerp
In de laatste fase maak je je oplossing concreet. Je werkt een prototype of concept uit en test dit bij de mensen voor wie het bedoeld is.
Dat hoeft niet meteen perfect te zijn. Sterker nog: bij ontwerpgericht onderzoek is het normaal dat je ontwerp nog verandert.
Je kunt bijvoorbeeld een concept-gesprekskaart laten beoordelen door wijkverpleegkundigen, een nieuwe werkwijze bespreken met mantelzorgers of een prototype testen met een kleine groep cliënten. Daarna verwerk je de feedback en verbeter je je ontwerp.
In je scriptie beschrijf je niet alleen wat het eindproduct is, maar ook waarom je bepaalde keuzes hebt gemaakt. Daarmee laat je zien dat je ontwerp voortkomt uit onderzoek en niet zomaar uit een idee.
Welke onderzoeksmethoden passen bij ontwerpgericht onderzoek?
Bij ontwerpgericht onderzoek gebruik je vaak meerdere onderzoeksmethoden. Welke methode past, hangt af van je fase en je onderzoeksvraag.
In de eerste fase gebruik je vaak kwalitatieve methoden, zoals interviews, observaties of focusgroepen. Daarmee ontdek je hoe betrokkenen het probleem ervaren. Je kunt dit aanvullen met deskresearch of literatuuronderzoek, zodat je ook weet wat er al bekend is over het onderwerp.
Later in je onderzoek kun je ook kwantitatieve methoden gebruiken. Denk aan een enquête om te toetsen of bepaalde behoeften breder leven onder de doelgroep. Of aan een korte evaluatie waarin gebruikers je prototype beoordelen op duidelijkheid, bruikbaarheid of toepasbaarheid.
Soms werk je dus met een mixed-methods aanpak. Je combineert dan kwalitatieve inzichten met kwantitatieve data. Dat kan sterk zijn, omdat je niet alleen weet wat mensen ervaren, maar ook hoe vaak bepaalde ervaringen voorkomen.
Voorbeeld van ontwerpgericht onderzoek in zorg en welzijn
Stel dat je stage loopt bij een wijkteam. Het team merkt dat mantelzorgers vaak pas in beeld komen als ze al overbelast zijn. De organisatie wil mantelzorgers eerder ondersteunen, maar weet niet goed hoe.
In de Discover-fase onderzoek je wat er speelt. Je interviewt mantelzorgers, spreekt met wijkverpleegkundigen en bekijkt bestaande werkwijzen. Daaruit blijkt dat professionals overbelasting vaak wel herkennen, maar dat signalen niet altijd structureel worden vastgelegd.
In de Define-fase breng je focus aan. Je concludeert dat het probleem niet alleen is dat mantelzorgers overbelast raken, maar vooral dat er geen laagdrempelige manier is om signalen vroeg te bespreken.
Daarna ga je in de Develop-fase mogelijke oplossingen bedenken. Samen met professionals ontwikkel je bijvoorbeeld een korte gesprekskaart met signalen, voorbeeldvragen en vervolgstappen.
In de Deliver-fase test je deze gesprekskaart met een paar wijkverpleegkundigen. Je vraagt wat duidelijk is, wat ontbreekt en of de kaart past binnen hun werkdag. Op basis van die feedback verbeter je het ontwerp.
Zo laat je in je scriptie zien hoe je van een complex praktijkprobleem naar een concreet en onderbouwd beroepsproduct bent gekomen.
Hoe verwerk je ontwerpgericht onderzoek in je scriptie?
Een ontwerpgericht onderzoek vraagt om een duidelijke opbouw. Je lezer moet kunnen volgen hoe je van probleem naar ontwerp bent gekomen.
In je inleiding beschrijf je de aanleiding, de context en het praktijkprobleem. Daarna werk je toe naar je probleemstelling en ontwerpvraag. In je theoretisch kader bespreek je relevante literatuur over het onderwerp en eventueel over ontwerpgericht werken.
In je methodehoofdstuk leg je uit welke fases je hebt doorlopen. Beschrijf per fase welke onderzoeksmethoden je hebt gebruikt, wie je hebt betrokken en waarom deze keuzes passend zijn.
Bijvoorbeeld: waarom heb je eerst interviews gehouden? Waarom heb je daarna een prototype getest? En hoe sluit die volgorde aan op je ontwerpvraag?
Bij je resultaten laat je zien wat je hebt ontdekt. Dat zijn niet alleen de uitkomsten van interviews of enquêtes, maar ook de inzichten die belangrijk waren voor je ontwerpkeuzes. Vervolgens beschrijf je hoe je ontwerp tot stand is gekomen en hoe je het hebt getest.
In je conclusie geef je antwoord op je ontwerpvraag. In je discussie reflecteer je op de kwaliteit van je onderzoek, de beperkingen en de bruikbaarheid van je ontwerp in de praktijk.
Let op betrouwbaarheid, validiteit en ethiek
Omdat je in zorg en welzijn vaak werkt met mensen, moet je extra zorgvuldig zijn. Zeker als je cliënten, patiënten, bewoners of mantelzorgers betrekt bij je onderzoek.
Leg daarom goed uit hoe je toestemming hebt gevraagd, hoe je privacy hebt beschermd en hoe je zorgvuldig bent omgegaan met gevoelige informatie.
Maak ook duidelijk waarom je bepaalde respondenten hebt gekozen en hoe je voorkomt dat je conclusies te veel gebaseerd zijn op één perspectief.
Bij ontwerpgericht onderzoek is het bovendien belangrijk dat je je ontwerpkeuzes goed verantwoordt. Waarom heb je voor deze oplossing gekozen? Welke feedback heb je verwerkt? En welke feedback heb je misschien niet verwerkt, omdat die buiten je ontwerpvraag viel?
Zo versterk je de betrouwbaarheid en validiteit van je onderzoek.
Aan de slag met ontwerpgericht onderzoek?
Ontwerpgericht onderzoek past goed bij studenten die iets willen maken dat echt bruikbaar is in de praktijk. Zeker in zorg en welzijn, waar problemen vaak complex zijn en meerdere mensen geraakt worden, helpt deze aanpak om zorgvuldig van probleem naar oplossing te werken.
Begin dus niet meteen met ontwerpen. Verken eerst wat er speelt, breng focus aan, ontwikkel mogelijke oplossingen en test wat werkt. Zo bouw je stap voor stap aan een scriptie die niet alleen theoretisch sterk is, maar ook waarde heeft voor de praktijk.
Loop je vast met je probleemanalyse, ontwerpvraag, Double Diamond-model of beroepsproduct? Dan kijken we graag met je mee. Samen zorgen we dat jouw ontwerpgericht onderzoek helder, haalbaar en goed onderbouwd wordt.
Vraag een gratis adviesgesprek aan en ontdek hoe we jou kunnen helpen met je ontwerpgericht onderzoek.
Gratis vrijblijvend adviesgesprek
Loop je ergens tegenaan bij je scriptie? In een gratis en vrijblijvend adviesgesprek krijg je direct duidelijkheid waar het misgaat en hoe Jouw Scriptiecoach je daarbij kan helpen. Je krijgt een inschatting van de uren die we daarvoor nodig hebt, zodat je direct weet waar je aan toe bent. Kies je dan voor onze scriptiebegeleiding, dan neemt jouw scriptiebegeleider meestal op de dag van betaling contact met je op en kun je snel verder. Vraag hieronder direct jouw gratis vrijblijvend adviesgesprek aan.
Je ontvangt een mail om een afspraak in te plannen. Heb je de mail niet ontvangen? Check dan even je spambox.
EN